HetMoet: Oud en Nieuw

Bijgewerkt op: 21 feb.

Elte Rauch


Beluister hoe Elte haar eigen Mammoetje (in het Engels!) voorleest:


“…if we could banish all [such] preconceptions when we read, that would be an admirable beginning. Do not dictate to your author; try to become him.”


Virginia Woolf – ‘How Should One Read a Book?’


Precies honderd jaar geleden, in 1922, verschenen een paar van de belangrijkste boeken in de Westerse literatuur. Gewaagd, tegen de tradities in, zoekend naar nieuwe vormen, eigen, persoonlijk, erotisch, grenzeloos, taboedoorbrekend, bewustzijnverruimend, rebels. James Joyce’s Ulysses, maar ook T.S. Eliot’s The Waste Land; Virginia Woolf’s Jacob’s Room en Herman Hesse’s Siddharta werden dat jaar allemaal voor het eerst gepubliceerd. Bertolt Brecht’s Baal en Rainer Maria Rilke’s Duineser Elegien werden dat jaar geschreven, Franz Kafka begon aan zijn roman Das Schloss. Ook wordt er dat jaar belangrijke literatuur vertaald: Marcel Proust’s À la recherche du temps perdu, bijvoorbeeld, wordt voor het eerst in het Engels uitgegeven in de nog steeds wereldberoemde vertaling door C.K. Scott Montcrieff.


Er was reuring. Er kwam verandering. Het was een nieuwe beweging, die vaak wordt geduid als het modernisme – al had het modernisme, als koepelterm voor heel wat -ismen, in die onrustige periode officieel al eerder zijn intrede gedaan. Deze golf van vernieuwing zat hem niet zo zeer in de stijl als wel in de onrust van de mensen zelf – in de lezer, de schrijver, de uitgever, de kunstenaar – om nieuwe grenzen te verkennen en oude te verleggen, om de patronen zo nodig te doorbreken. Dit had met van alles te maken, en er zijn dan ook talloze boeken en artikelen over die periode geschreven, over het jaar 1922 alleen al – het is niet aan mij om hierover uit te wijden. Wat ik wel zal zeggen is dit: de roaring twenties waren voor sommige mensen angstaanjagend, chaotisch; voor anderen bevrijdend.


Het is nu 2022. Een vers jaar, een eeuw later, en ik zie een verband. De onrust, de pandemie (destijds de Spaanse Griep), het opbreken van Europa (met de Brexit als voorbeeld), het zoeken naar een nieuwe vorm voor een nieuwe generatie om haar stem in de kunst, de politiek, en de literatuur te verwezenlijken. Seksualiteit en gender, religie en spiritualiteit, identiteit en cultuur, migratie en klimaat zijn voorbeelden van literaire thema’s die staan te springen om in een nieuw licht te worden gehuld. Voor sommige mensen angstaanjagend, chaotisch; voor anderen juist weer bevrijdend. Er is reuring, dat zeker. En misschien een tijd waarin we loskomen van elk soort -isme dat ooit de bewegingen en de golven van de tijd wilde benoemen.


En dat is goed nieuws, vinden wij bij HetMoet. We houden van reuring, van het onderzoeken van mogelijkheden tot het verkennen en verleggen van grenzen, zoveel mogelijk de vooringenomen structuren en de schaamte voorbij. En dat begint bij taal – of tenminste, daar heb je taal voor nodig, en daarom kunnen we niet buiten de taal om. Tijdens de periode van het modernisme ontstond er binnen de geesteswetenschappen een stroming die het structuralisme werd genoemd. De basisidee van het structuralisme is dat er structuren zijn die ten grondslag liggen aan alle sociale en culturele menselijke verschijnselen, die niet direct waarneembaar of zelfs onbewust zijn. Deze structuren zijn een verzameling van verhoudingen tussen elementen waaruit de sociale werkelijkheid is opgebouwd. Het is een gecompliceerde combinatie aan (taal)filosofische en andere disciplines binnen de geesteswetenschappen, met als doel om de waarheidssystemen, waarin de mens ooit centraal stond, te bekritiseren.


Elte Rauch in een interview door Enno de Wit. Verschenen in Boekblad, januari 2022

Literatuur bij HetMoet: Een oefening in deconstructie

De filosoof Jacques Derrida bracht het structuralisme verder en stelde zich de vraag waarom vele kwesties per se geformuleerd moeten worden in een dit-of-dat structuur. Derrida, een fervent lezer en liefhebber van literatuur – hij had op een gegeven moment veertienduizend boeken in zijn bibliotheek –, zag een tekst altijd als een dialoog, een dialectisch gegeven tussen de lezer, de schrijver en de personages, met alle complicaties van dien. Hij keek niet alleen naar de inhoud, maar ook naar de structuur van de tekst. Taal kan immers altijd, door steeds andere combinaties van woorden te maken, nieuwe betekenissen voortbrengen.


Deze manier van kijken noemde hij deconstructie, niet te verwarren met destructie. Deconstructie is erop uit de dominante structuren te destabiliseren, en constante druk uit te oefenen op de vooringenomen structuren waarin allerlei opposities als de natuurlijke orde worden beschouwd: man/vrouw, zwart/wit, aanwezig/afwezig, liefde/haat. Deconstructie ziet in deze ordening een hiërarchie, en wel een die niet natuurlijk, vanzelfsprekend of onschuldig is, maar een kunstmatige ordening met als doel een bepaalde machtsstructuur in stand te houden. Door de aangenomen opposities te destabiliseren, het systeem als het ware om te gooien, maakt de deconstructie een nieuwe visie op de werkelijkheid mogelijk.


De hierdoor ontstane chaos is niet per se de oplossing, maar draagt wel bij aan het verruimen van ons bewustzijn, aan de ontwikkeling naar gastvrijheid en solidariteit. Het onderzoeken van elkaars en onze eigen grenzen zorgt ervoor dat er ruimte ontstaat voor nieuwe verhalen. Zo draagt deconstructie een belofte in zich van een nieuwe interpretatie, zoveel mogelijk ontdaan van (opgelegde) hiërarchische structuren, waardoor de ‘waarheid’ van een tekst, die voorheen in de marge stond, een centrale plaats kan innemen.


Door aan dit ‘systeem’ te schudden komt er ruimte vrij voor kleinere verhalen, verhalen die misschien in de kantlijn stonden. En al deze kleinere verhalen, van mensen zoals jij en ik – niet in hokjes te stoppen, niet te kaderen, niet te passen en te meten – verbinden ons; er ontstaat opnieuw samenhang, een groot verhaal, dat zelf opnieuw gedeconstrueerd kan worden.


Er zijn misschien mensen die nu even diep zuchten en denken: ‘Ja, maar zo blijven we toch bezig met opbouwen, afbreken, herdefiniëren, herformuleren, het vinden van nieuwe interpretaties en woorden voor die nieuwe vormen… Houdt het dan niet op?’ Hier is het goede nieuws: nee, het houdt niet op. En dat is inderdaad positief, want zo blijven we bezig met het scheppen en het verbinden van verhalen – en scheppingskracht is overleven. We houden onszelf en elkaar in leven door nieuwe verhalen en inzichten te creëren; nieuwe talen en nieuwe waarden.


Dus wees niet bang voor een beetje chaos. Wees niet bang als je een persoon niet kan kaderen in een gender-vast patroon. Wees niet bang als je een schilderij niet kan duiden in een daarvoor bestemde categorie. Wees niet ongerust als je fictie niet kan onderscheiden van non-fictie, of poëzie soms niet eens van proza. Omarm het; omarm verschil, reuring, rebelsheid: hoe meer verhalen, hoe meer verbinding. Probeer af en toe tegendraads te zijn, te improviseren. Probeer een andere manier van kijken en lezen, schrijven en dichten, denken en dromen. Begin bij het opschudden van je eigen systeem, dat je met de paplepel ingegoten kreeg, als vanzelfsprekend.


Wij bij HetMoet zijn benieuwd wat voor Ulysses, The Waste Land en Duineser Elegien uit deze nieuwe jaren twintig komen. Of epische vertalingen, of juist kleine woorden in een hoekje van een boekje. Of heel andere verhalen, die moeten worden geschreven en gelezen, voor de verbinding, de voeding, de troost en de inspiratie van onze zoekende zielen.


Elte Rauch in een interview door Enno de Wit. Verschenen in Boekblad, januari 2022

Niet of-of maar en-en

Ten grondslag aan de ethiek en de raison d’être van Uitgeverij HetMoet ligt het bovenstaande. Er is niets buiten de tekst, maar om werkelijk te kunnen begrijpen en toe te laten wat je leest moet je ook in de marges van de tekst durven te kijken, naar het ongeschrevene. Of zoals Virginia Woolf – die het werk van Derrida zeer op prijs had kunnen stellen, dunkt me – zegt: een boek, een verhaal, moet je als lezer in ieder geval met het hoogste respect behandelen en van zoveel mogelijk kanten bekijken. Dit maakt een ‘close reading’ van de tekst mogelijk, wat je als lezer deel maakt van de gehele constructie van een tekst.

De mammoet in ons logo is de personificatie van al deze ingewikkelde theorieën. Een uitgestorven beest met oerkracht dat links uit haar kader breekt. De schaamte voorbij, de vrije val durven maken, de beweging blijven houden, de grenzen over gaan! Opschudding en reuring veroorzaken! Ruimte bieden voor nieuwe interpretaties, voor waarheden in de marges verscholen. ‘The Fool’ in een tarotdek is niet voor niets de eerste kaart. We kiezen voor de weg van de held! Het onbewandelde pad. We gaan niet voor of-of, maar kijken naar en-en.


Zo hebben we er bij HetMoet het afgelopen jaar voor gekozen om boeken te publiceren die wellicht niet direct te kaderen vallen, niet voor de hand liggen, of zelfs vragen en ergernis opwekken. Zelf ben ik heel erg blij met de vertaling, door Callas Nijskens, van Lucia Osborne-Crowley’s Ik kies Elena, omdat dit boek een deconstructie was van het eigen, zeer persoonlijke en pijnlijke verhaal van de auteur. Zonder dat ze zichzelf centraal zette onderzocht Osborne-Crowley, vanuit haar eigen ervaring, de verhalen van anderen in haar essay over leven met een chronisch lichamelijk trauma na een verkrachting op 15-jarige leeftijd. Volgend jaar gaan we een ander boek van haar, My Body Keeps Your Secrets, ook in vertaling uitbrengen, verzorgd door Jolanda Treffers, die ook Bessel van der Kolk’s boek Traumasporen vertaalde – ondanks het feit dat de we blijven horen dat #MeToo boeken niet verkopen. Hoe vaker dat wordt gezegd, hoe meer ik geneigd blijf deze boeken te publiceren.


We werken vanuit een integere ethiek waarbij de literatuur én de makers ervan – schrijver, redacteur, vertaler, illustrator etc. – de verdiende waardering krijgen. We werken samen aan boeken die moeten, over de grenzen van de Amsterdamse grachtengordel en zelfs van Nederland heen. Onze vormgevers – Steven Theunis en Thijs Kerstens van Armée de Verre – en onze bespoke printer Jozias Boone zitten in Gent. We werken met kunstenaars als Lousia Albani in Londen, Nick Morley in Margate (Engeland), Octavie Wolters in Limburg, en de Hongaarse kunstenaar Laslo Antal in Berlijn.


Deze flexibiliteit karakteriseert ons als enige varende uitgeverij in Nederland (we zitten niet in een kantoorgebouw, maar op een historische zeilboot) varen we altijd naar nieuwe horizonten, soms dus zelfs het Kanaal over naar Engeland. Daar werken we samen met auteurs en uitgevers, boekhandelaren en liefhebbende lezers, in een land dat ingewikkeld is om zaken mee te doen vanwege de Brexit-regels. Maar ik doe het toch. In ieder systeem zit een mogelijkheid verborgen om het te deconstrueren. Een beetje eigenwijsheid is hier wel nodig. Maar ook een dosis intuïtie, creativiteit, en het blijven zoeken naar verbinding met de ander die net zo is als jij en anders.


De eerste publicatie waar we 2022 dan ook mee openen is de speciale UK-editie van On Being Ill. Dit boek, wat afgelopen najaar al in Nederland verscheen, is een prachtige collaboratie tussen schrijvers van over de hele wereld, met verschillende achtergronden en culturen, talen, normen en waarden. Allen schreven ze over het verband tussen ziek zijn en literatuur, vanuit een persoonlijk interpretatie. Een persoonlijke deconstructie.





Deze grenzen steken we niet alleen over met onze Engelstalige publicaties, maar ook met de vele vertalingen. Zo sloten we dit jaar af met de eigenzinnige, rauwe, unieke en bij vlagen heel grappige autobiografie van de wereldberoemde Ierse protestzangeres Sinéad O’Connor. Zij koos ervoor om bij HetMoet te worden uitgegeven in het Nederlands, in een vertaling van Irwan Droog, omdat het rebelse, het tegendraadse, het gewaagde haar aansprak.


We houden van oud en van nieuw, van jong en van oud. Alles heeft haar eigen waarheid, schoonheid, ruimte voor bezinning, duiding en expressie. We kijken daarom niet alleen voorbij de landsgrenzen, maar ook voorbij de grens van het huidige tijdperk waarin we leven. We publiceren naast hedendaagse dichters en schrijvers ook werk van mensen die allang dood zijn, maar die, door ze in een andere context te plaatsen, ook weer een nieuwe dialoog en ruimte voor interpretatie kunnen verzorgen. Charles Baudelaire, Henriette Roland Holst en Mordechai Gebirtig zijn hier slechts enkele voorbeelden van.



2022: Een nieuw literair jaar voor boeken die Moeten

Inmiddels is HetMoet vier man (lees: vrouw) sterk, en hebben we ieder half jaar plek voor een stagiaire. Dat is voor de komende periode Eva Soares, een in Frankrijk opgegroeide Portugese die lang in Amerika woonde. Samen met ons vaste maar altijd beweeglijke team van Miriam, Fannah en Ilse gaan we met Mammoetkracht vooruit, gestaag maar doelgericht en krachtig. We zoeken nieuwe stemmen, of delven oude op; we geven boeken uit die ambachtelijk zijn vervaardigd, écht ge(boek)drukt en handgebonden; en we brengen nieuwe eerste drukken van jonge auteurs of nieuwe vertalingen aan het licht.


De samenwerking met Stichting Perdu is vruchtbaar en inspirerend, alsmede die met partners als Stichting Feest der Poëzie, De Nieuwe Liefde en de zeiltjalk de Vrijbuiter met wie wij samenwerken als het gaat om literaire vaartochten, onze borrels aan boord, en onze zeilende zomer schrijfcursus waarvan Stefanie Liebreks begin dit jaar het curriculum zal ontwikkelen. In de toekomst gaan wij ook de samenwerking met De Baaierd in Zeeland aan, met het debuut van een heus literair tijdschrift.


Dankzij de bovengenoemde samenwerking met experimenteel poëziecentrum Perdu worden ook vanaf 2022 elke drie maanden de Mammoetjes gepresenteerd! Deze Mammoetjes worden elke eerste van de maand online geplaatst: alles mag in een Mammoetje. Dit is er uiteraard weer een! De Mammoetjes zijn bij uitstek een tuin voor experimenten: hier mogen meerdere stemmen, talen, betekenissen, beelden en verzinnelijking samengaan.


In deze drie jaar is er veel gebeurd, en ook veel niet. Door ziekte en corona hebben we veel gemist, zijn er dingen niet doorgegaan en stonden contacten met boekhandelaren, beurzen, collega’s en lezers soms weken stil. Het zijn bepaald geen makkelijke jaren geweest, maar we zijn er nog en gaan door met het maken van boeken die moeten.


Onze waarden en principes houden we hoog in het vaandel: samenwerking staat voorop, een boek maak je nooit alleen. Boeken en ook aanbiedingsfolders produceren we zo duurzaam mogelijk. Zo maken we eens per vijf jaar een brochure in plaats van talloze flyers – zo mooi gemaakt, die wil je niet weggooien. We vertragen in plaats van versnellen, bepalen onze koers afhankelijk van de elementen.


Welkom aan boord bij HetMoet. Als je dacht dat Mammoeten uitgestorven waren, dan heb je het mis! We staan klaar om uit de kaders van het vanzelfsprekende te breken. Ons logo zegt precies wat we willen zijn. We zijn rebels, we willen ruimte, we willen reuring.


Stap aan boord, schrijf en lees, HetMoet.


Om dit nieuwe jaar te beginnen zijn we in januari open voor manuscripten!


 

Elte Rauch is schrijver en oprichter van Uitgeverij HetMoet. Ze studeerde filosofie en sociale wetenschappen in Engeland, waar ze lange tijd heeft gewoond. Tegenwoordig woont ze in Amsterdam op een historisch zeilschip, waarop ook de uitgeverij is gevestigd. Ze vaart, schrijft, leest en maakt boeken. Haar boek Een vrouw met mooie borsten. Het dagboek van Veere Wachter verschijnt in 2022 bij Uitgeverij Cossee.

261 weergaven